Al lange tijd kan uw penneleur zich niet aan het idee onttrekken dat de dam-goegemeente helemaal niet trots is op het zo mooie, edele damspel!
Wanneer men dammers aanspreekt over het hoe en waarom van hun hobby komen de antwoorden er vaak wat besmuikt uit!!
Het is bijna alsof er excuses moeten worden gemaakt voor de liefde van de-honderd-velden & veertig-schijven!?!
Toch hebben dammers, tijdens de partijen, vaak de mooiste hersenspinsels (en raarste hersenkronkels – ook dat -), dus mag men aannemen dat een dammer in zekere zin kunstzinnig (dus met plezier) bezig is!
The batlle of the brains on the draughtsboard can be an magnificent experience!
Het is zeker niet ‘van de laatste jaren’ dat deze fabuleur (bestaat dat woord niet? – O, nou dan wordt het thans speciaal voor u uitgevonden -!) het on-trotse idee opdeed; ruim 50 jaar geleden borrelde deze gedachte reeds op!!
Hoe het aanzien van de damsport vóór (pak um beet) 1970 was is schrijver dezes niet bekend, maar gezien de enorme verslagen in dag- en weekbladen in die tijd, alsook het feit dat toenmalig wereldkampioen dammen Piet Roozenburg in (het Olympische jaar!?!) 1948 tot Sportman van het jaar werd gekozen, zegt waarschijnlijk veel, zo niet alles, over de waardering voor, en uitstraling van de damsport en zijn beoefenaars in de 50-er en 60-er jaren van de vorige eeuw!
WK matches . . .
Zoals ook de meeste dammers wel zullen weten vond in 1972 op IJsland ‘De Schaak-match van de Eeuw’ plaats.
Om precies te zijn in de hoofdstad Reykjavik, en wel van 11 juli t.e.m. 31 augustus (kom tegenwoordig nog eens aanzetten met zo’n tijdspanne, voor slechts 21 partijen . . .!?!).
Nog steeds spreken schakers met niet geringe trots over de clash tussen regerend wereldkampioen de Sovjet-Rus Boris Spasski en uitdager Robert (Bobby) Fisher uit de Verenigde Staten van Noord-Amerika!
Mede door diverse verkwikkelijkheden (naast het schaakbord) en (vooral) doordat De Koude Oorlog zich op dat moment op het hoogtepunt bevond, werd het inderdaad een tweekamp die wereldwijd op de voet werd gevolgd!
Na zeven weken zou Fisher de match in zijn voordeel beslissen.
Zowel schaakjournalisten als niet-schaakjournalisten berichtten enthousiast over het hele gebeuren in Reykjavik; het was een natuurlijke kettingreactie van het ‘hele’ journaille!
Een jaar later was er vervolgens, onder hetzelfde gesternte (!), ‘De Dam-match van de Eeuw’ en daar werd natuurlijk ook reikhalzend naar uitgekeken!
De regerend wereldkampioen, de Nederlander, Teunis (Ton) Sijbrands werd uitgedaagd door de Sovjet-Let Andris Andreiko; wederom een confrontatie tussen ‘Oost en West’!
En toen kwam het (ware?) aard van het dam-volk bovendrijven; men vond al snel het niveau van de dampartijen te laag en dus ging men over tot klagen en zeiken over dé match en de edele damsport!
De Match van de Geeuw werd het toen al snel quasi-grappig genoemd en nu, ruim 50 jaar later, is er nauwelijks nog een dammer te vinden die graag aan deze tweekamp herinnerd wordt!!!
Eén iemand begint iets negatiefs te roepen en vervolgens ontstaat er in de damwereld een afbrekend domino-effect!
Eigenlijk kan het contrast tussen dammers en schakers (tussen negatief en positief dus!!!) niet beter in beeld worden gebracht!?!
En toch is hier sprake van één van de puurste vormen van geschiedvervalsing . . .!?! De dam-tweekamp tussen Sijbrands en Andreiko werd geen recht gedaan!
Vergrootglas . . .
Laten we, na ruim 50 jaar, de hele situatie nog eens onder de loep nemen!
Rond en tijdens beide matches waren er genoeg randzaken waarover gepubliceerd werd, dan wel kon worden gepubliceerd!
Later zou blijken dat toentertijd lang niet alles zijn weg naar de openbaarheid had gevonden; blijkbaar vonden de journalisten toen dat het vooral ‘een mooie match’ moest blijven!!
Zo was er vóór de schaak-match de grote vraag of Fisher überhaupt wel zou komen opdagen, en tijdens de tweekamp zelf was er onder andere sprake van chemische, dan wel elektronische (negatieve) beïnvloeding van Spasski (met chair-gate als absoluut hoogte-/dieptepunt!).
Tijdens de dammatch was er sprake van omkoping (Harm Wiersma zou door Andreiko zijn benaderd om geheime informatie prijs te geven) en was bijvoorbeeld het optreden van de (Sovjet-Russische) secondant Koeperman voor de Nederlandse televisie (die feiten verdraaide!), tenenkrommend genoeg om een ware rel te creëren!!
Maar wanneer men ‘de boeken’ er thans op naslaat krijgt men toch een geheel ander beeld over het beide WK-matches, en dan met name (juist) over het niveau van de partijen!!!
Tijdens de eerste de beste partij in Reykjavik blunderde Fisher als een kind; 29. ..-.. loper xh2; in vergelijking met het dammen is het ‘in een simpele 1 om 3 lopen’!!!
“Ik geloof dat de Amerikaan nu echt gek geworden is” schreef J. H. Donner in zijn ‘dagboek van de eeuw’ (later uitgegeven als Prisma-boekje).
Vervolgens had Donner het, in hetzelfde boekje, over “de geestelijke ineenstorting van Spasski” naar aanleiding van de vele blunders van de Sovjet-Rus!
We gaan vanzelfsprekend niet alle (schaak-)partijen langs, maar in de vele analyse-boeken, die na afloop van de schaakmatch zijn uitgegeven, komt één ding duidelijk naar voren: Het niveau van veel schaak-partijen was laag, soms zelfs abominabel!!
Kortom, een foutenfestival en toch buitelden veel schaak-grootmeesters tijdens en na de match over elkaar heen om het schaak-volk toch vooral duidelijk te maken hoe geweldig deze tweekamp toch wel niet was!?!
En ook nu zijn schakers nog steeds verrukt over dé schaak-tweekamp van Reykjavik!?!
Den Haag 1973 . . .
Hoe anders verliep de WK-dam-tweekamp in 1973 (?), welke in de Sweelinckzaal van het Congresgebouw te Den Haag werd afgewerkt.
Ook toen nam men er trouwens de tijd voor (!); de 1ste partij startte op 2 oktober de laatste (20ste) op de 30ste van die maand.
In het (eveneens door Prisma uitgegeven) boekje van Harm Wiersma, dat een jaar na de match werd uitgegeven, geeft de Friese grootmeester vrijwel alle partijen een ruime voldoende!
Ook hier blunderde de uitdager (Andreiko) trouwens; in de tweede partij 18. 38-32 ??. Wiersma schreef hierover: “Gevolg van een nonchalante studie?” (waar was secondant Koeperman?) en dat Andreiko wel vaker leed aan een bepaald soort slordigheid (denk aan Leclair, Brinta-toernooi 1967)!!
Maar vrijwel alle andere partijen stonden op een aanzienlijk hoger niveau dan de equivalenten van de schaakmatch!
Dit alles volgens Harm Wiersma, die in de jaren daarna maar liefst zesmaal tot wereldkampioen zou worden gekroond!
Helaas werd de negatieve teneur onder de dammers toen overgenomen door het journaille ‘dat verder weinig met dammen op had’!
Waar schaak-grootmeesters tijdens en na de schaakmatch elkaar in superlatieven probeerden af te troeven over ‘De Schaakmatch van de Eeuw’; hielden dam-grootmeesters (tijdens en na de match!!) de kaken stijf op elkaar, óf gingen juist mee in de negativiteit!!!!!
In die tijd hadden damgrootheden als Roozenburg en Keller veel goeds kunnen verrichten voor onze edele damsport, maar helaas, zij bleven in gebreke!
En ja, wanneer de dam-journalisten niet veel meer weten te schetsen dan een negatief dam-beeld, dan volgt het (niet-dam-)journaille die afspiegeling natuurlijk (weten zij veel?).
Anno hodie . . .
Zou daar tegenwoordig misschien de grondslag liggen voor die negatieve grondgedachte ten opzichte van ons mooie bordspel?
Werd er tijdens de WK-dam-tweekamp in 1973 een negatief zaadje gezaaid, welke uitgroeide tot een reusachtige Calimero-boom??
Zijn daarom de huidige dam-liefhebbers zo terughoudend wanneer er naar hun prachtige bordspel wordt gevraagd?!?
Gelukkig was, afgelopen december, de laatste WK-match (in Wageningen) tussen wereldkampioen Yuri Anikeev uit de Oekraïne en onze landgenoot Jan Groenendijk zeer onderhoudend te noemen én waren er wél grootmeesters, als Sijbrands en Wiersma, die op een geweldige manier acte de présence gaven (tijdens en na de partijen)!
Ook de manier waarop de damtoppers van tegenwoordig hun sport (semi-)professioneel beoefenen is een geweldige boost voor de ontwikkeling van het eeuwenoude vermaak op de 100-velden!!!
Dus dammers, wees trots op uw edele damspel: Geniet, Dam met je maten . . .!
Waarlijk zo is het . . .!

